Zijn familie lachte hem uit omdat hij een oude hut had geërfd — maar toen keken ze eens binnen

De deskundigen konden het schilderij niet meteen bevestigen. Andrew nam contact op met een museum, een taxateur en verschillende specialisten. Zij onderzochten het doek, de verf, de lijst, de signatuur en de documenten van Walter. Weken werden maanden. Sommige deskundigen waren het aanvankelijk niet eens. Uiteindelijk overtuigde het bewijsmateriaal hen ervan dat het werk een belangrijk schilderij van Edmund Harrow was dat al lange tijd als verloren werd beschouwd.

De geschatte waarde lag veel hoger dan alles wat Michael of Caroline hadden geërfd, en er klonk een algemeen gemompel van onrust. De familierechtadvocaat werd erbij gehaald om het testament van Walter nogmaals te controleren, maar de bewoordingen waren ondubbelzinnig. Het was Walters bedoeling dat Andrew het huisje, het land en alles wat op het terrein was opgeslagen, zou krijgen. Vervolgens overhandigde de advocaat Andrew een laatste brief, die alleen mocht worden geopend in het geval van een dreigend familiegeschil. Daarin legde Walter uit: „Michael en Caroline vroegen altijd wat die oude spullen waard waren. Andrew had gevraagd waar ze vandaan kwamen.“

Andrew heeft het schilderij niet verkocht. Hij heeft het in een beveiligde opslagruimte ondergebracht en in bruikleen gegeven voor een tentoonstelling. Met de opbrengst van enkele kleinere stukken kon hij de reparaties aan zijn huisje, de verzekering en de goede verzorging van de collectie betalen. Michael en Caroline boden uiteindelijk hun excuses aan voor het feit dat ze om zijn erfenis hadden gelachen. Maanden later zat Andrew in de oude stoel van Walter en keek hij uit over het meer. Zijn grootvader had Andrew iets nagelaten dat alleen met geduld, nieuwsgierigheid en respect ontdekt kon worden…