De meesten kleedden zich zoals hij zich bankmensen voorstelde – gladde stoffen, schone schoenen, het soort stille vertrouwen dat je krijgt als je precies weet waar je naartoe gaat en waarom. Hij keek naar zijn overhemd, ging met zijn hand over de voorkant, pakte de map van de passagiersstoel en stapte uit.
Het was half tien ’s ochtends. Zijn afspraak was om tien uur. Binnen was de lobby groter dan hij had verwacht. Koele lucht, bleke marmeren vloeren, het lage gezoem van iets financieel dat in elke richting gebeurde.