Rex’s grom werd een fractie dieper. Emma voelde het weer – de kleinste aarzeling. Rex had eerder met mensenmassa’s gewerkt. Protesten. Publieke evenementen. Erger dan dit. Vincent knikte. Hij verlaagde zijn stem. “Ik wil gewoon niet dat hij gestrest is. Of de schuld krijgt. Of erger nog, weggenomen wordt omdat iemand in paniek raakt.” Voordat Emma kon antwoorden, begon de muziek buiten aan te zwellen.
Vincent keek naar de deuropening en toen weer naar Rex. “Kun je hem naar buiten laten brengen?” vroeg hij. Niet scherp. Niet veeleisend. Redelijk. “Gewoon tot het wat rustiger is.” Emma aarzelde. Rex’ lichaam was nog steeds stijf onder haar hand. “Lucy,” zei ze zachtjes, terwijl ze zich omdraaide. “Breng hem eerst naar buiten. Loop met hem mee. Laat hem tot rust komen.”