Zweden heeft dit al eens eerder gedaan
Slapen in een afgesloten hoekje klinkt tegenwoordig misschien wat excentriek, maar het idee vindt zijn oorsprong in Zweden. In traditionele interieurs maakte de ‘skåpsäng’, oftewel het kastbed, deel uit van het interieur. Deze bedden konden in kasten worden geplaatst of met deuren of gordijnen worden afgesloten, waardoor een compacte slaapplaats binnen een grotere kamer ontstond. Ze kwamen veel voor in oudere landelijke woningen, vooral in Midden- en Noord-Zweden, waar één kamer vaak meerdere doelen diende.
Benita’s versie is modern, maar de gedachtegang is vergelijkbaar. Een bed hoeft niet altijd een eigen kamer te hebben. Het heeft voldoende ruimte, comfort, ventilatie en privacy nodig. Door de oude doorgang als slaapruimte te gebruiken, houdt Benita de grotere kamer vrij voor het dagelijks leven. Gordijnen en donkere kleuren zorgen ’s nachts voor afscheiding, terwijl het bed overdag uit het zicht blijft.
Daarom beschouwt ze haar slaapkamer niet als een opoffering. Dankzij deze regeling kan ze in een buurt wonen waar ze van houdt, in een historisch gebouw met karakter, terwijl haar woning kleiner blijft en de woonlasten lager zijn. Het past ook bij haar levensstijl. Benita beweert niet dat iedereen in een kast moet slapen. Ze vraagt zich af hoeveel ruimte elk deel van een woning werkelijk nodig heeft. Haar antwoord is toevallig: heel weinig.