Om haar heen ging het boarden door. De vuilnisbakken bovenin klapten dicht. Iemand lachte zachtjes om een video. Het jonge kind piepte weer een paar rijen verderop, zich er niet van bewust. Om haar heen gingen de passagiers langzaam op hun plaats zitten. Een kind schopte zijn schoenen uit. De cabine rook vaag naar koffie en textielreiniger.
Nieuwsgierig keek Alyssa weer naar haar instapkaart. Haar naam stond er duidelijk op. Het stoelnummer kwam overeen met die onder haar. De instapzone klopte. Gate vermeld. Tijd vermeld. Niets leek veranderd of overhaast. Alles aan het ticket zei dat ze precies hoorde waar ze zat.