Gooi die ‘misschien ooit’-spullen weg
Sommige spullen zijn moeilijk weg te doen, omdat je je altijd een situatie in de toekomst kunt voorstellen waarin je ze nodig zult hebben. Dat kleine apparaatje zou uiteindelijk nog wel eens van pas kunnen komen. Het dienblad zou handig kunnen zijn op een feestje. Die extra glazen zouden perfect kunnen zijn voor een etentje dat je ooit nog eens wilt organiseren. Maar hoe lang wacht je al op die dag?
Kijk eens naar de kleine keukenapparaten die je al een jaar niet meer hebt gebruikt. Als je het al die tijd prima zonder hebt kunnen stellen, vraag je dan af of ze de kastruimte die ze innemen wel waard zijn. Hetzelfde geldt voor overtollig serviesgoed, kommen en glaswerk. Open vervolgens de koelkast en de vriezer. Waarschijnlijk vind je daar ingrediënten, kruiden en restjes die naar achteren zijn geschoven en in de vergetelheid zijn geraakt.
Als niemand ze realistisch gezien gaat opeten, nemen ze alleen maar ruimte in beslag. Het gaat er niet om alles weg te doen. Het gaat erom het verschil te zien tussen iets wat je misschien nog eens zou kunnen gebruiken en iets wat je daadwerkelijk gebruikt. De uitdrukking „voor het geval dat“ kan een rechtvaardiging zijn om bijna alles te bewaren. Maar als je iets al een jaar lang niet nodig hebt gehad, is dat het waard om even bij stil te staan. Soms is de makkelijkste manier om meer ruimte te creëren simpelweg te stoppen met het bewaren van spullen voor een toekomst die nooit komt.