3. Doe je zet vroeg, niet op het laatste moment
Veel verkeersfouten gebeuren omdat mensen te lang wachten met beslissen wat ze gaan doen. Ze remmen te laat, voegen te laat in, geven te laat richting aan of scheuren plotseling van rijstrook omdat ze bijna een afslag gemist hebben. Dat soort rijden maakt alles om je heen onvoorspelbaarder.
Ervaren bestuurders hebben de neiging om het tegenovergestelde te doen. Ze geven vroegtijdig richting aan, vertragen eerder en maken hun bedoelingen duidelijk voordat ze daadwerkelijk in beweging komen. Dat geeft iedereen om hen heen meer tijd om te reageren, waardoor de hele weg soepeler en veiliger aanvoelt. Dit is nog belangrijker bij het wisselen van rijstrook. Een spiegelcontrole alleen is niet genoeg. Als je gaat opschuiven, invoegen of afslaan, is het de moeite waard om de extra seconde te nemen om te controleren of de ruimte vrij is in plaats van aan te nemen dat dat zo is.
Veel goed rijgedrag is gewoon makkelijker te lezen voor andere mensen.