Van dichtbij zag het gebouw er nog vreemder uit. De stenen muren vormden een ruimte onder het grotplafond, en de deuropening leidde de duisternis in. Mara fotografeerde het vanuit verschillende hoeken, terwijl ze achter de afzetting bleef staan. Ze probeerde zich voor te stellen hoe het zou zijn om daar wakker te worden. Er was geen raam om te zien hoe laat het was. Er drong geen zonlicht door tot op de vloer. ‘Misschien sliepen de mijnwerkers hier wel,’ zei Ethan. Mara dacht erover na, maar het idee riep meer vragen op. Waarom zou je een heus stenen huisje bouwen als de ingang van de grot op loopafstand lag?
Ze bekeek de hoeken van het bouwwerk en zag dat één muur was gerepareerd. Dit was geen ongerepte ruïne. Iemand had ervoor gezorgd dat het overeind bleef staan. Ethan liep verder over het pad en wenkte haar. Achter het eerste huisje stond nog een ander, verder naar achteren in de grot. De muren waren onvolledig, maar de vorm was onmiskenbaar. Mara nam nog een foto. ‘Twee huizen?’ zei Ethan. ‘Wie had hier beneden twee huizen nodig?’ ‘Dat is wat we hier komen uitzoeken,’ antwoordde ze.
Mara wierp een blik naar de gang waar Lisa stond te wachten en keerde zich toen weer naar het tweede huisje. Ze wilde nog een laatste foto maken van de deuropening voordat ze vertrokken. Op dat moment werd het vreemd stil in de grot.