Het eerste wat Mike opviel was de stilte. Maxine had vroeger altijd geluid gemaakt. Kleine geluidjes, maar constant – kleine brommetjes, halfgevormde woorden, af en toe een gil als iets haar aandacht trok. Als hij nu ’s avonds bij Eleanor thuis kwam, voelden de kamers gedempt aan op een manier die niets te maken had met Eleanors aandringen op kalmte.
Maxine lag meestal in haar oma’s armen, haar ogen half dicht, haar hoofd zwaar tegen Eleanors schouder. Ze draaide niet meer om naar de deur te kijken. Ze tilde haar armen niet op. “Ze is zo vredig geweest vandaag,” zei Eleanor terwijl ze door Maxine’s haar streek.