Na een vreemd bezoek plaatst een rouwende moeder een camera bij het graf van haar zoon

Die nacht wilde de slaap maar niet komen. Ellen zat bij het raam, met de laptop open, en keek naar de korrelige beelden. Buiten fluisterde de wind door de bomen, vaag echoënd als de stem van haar zoon. Ergens tussen uitputting en pijn fluisterde ze terug: “Wie ben je?” Maar de kamer antwoordde alleen met stilte.

De volgende ochtend keerde ze terug naar de begraafplaats, grind knisperend onder haar schoenen. Het graf zag er eerst ongestoord uit, totdat ze een opgevouwen stuk papier onder een bloemstengel zag liggen. Haar hart sloeg over. Met trillende handen trok ze het los. Op het briefje stond: Slaap zacht, dappere jongen.